Tijdens een vaccinatie krijgt een kat een injectie toegediend die ervoor zorgt dat het lichaam antistoffen aanmaakt. Zo bouwt de kat weerstand op en is ze immuun bij het volgende contact met deze ziekteverwekkers.
Tegen diverse ziektes
Kittens worden bij ons twee keer gevaccineerd: de eerste keer na 8 weken en een tweede keer na 12 weken. Na deze vaccinaties dient uw katje elk jaar één keer gevaccineerd te worden om de immuniteit te behouden. Onze kittens worden standaard gevaccineerd tegen kattenziekte, niesziekte en kattenleucose.
Kattenziekte is de meest dodelijke virusziekte bij de kat en heeft een dramatisch snel en wreed verloop. Het virus beschadigt de darmen zo erg dat het lichaam geen voedingsstoffen meer kan opnemen. De kat raakt ernstig uitgedroogd en overlijdt uiteindelijk. De meeste kittens hebben genoeg beschermende antistoffen tot de leeftijd van zes tot acht weken.
Tegen niesziekte en kattenleukemie
Niesziekte bij katten veroorzaakt ernstige verkoudheid en is heel besmettelijk. Niesziekte kan acuut opspelen maar kan ook chronisch worden. De ernst van de klachten verschilt. Het kan gaan over oogontsteking, niezen en snotteren.
Kattenleukemie of leucose is een ernstige virusziekte met een dodelijke afloop. De door het leucose virus besmette kitten scheiden grote hoeveelheden virus af via speeksel en neusvloeïng, maar ook via bloed, urine en ontlasting wordt het virus uitgescheiden. Besmetting treedt voornamelijk op door te vechten en door sociaal contact.
